Joop Celis plays York Bowen

 

 

Recensie

‘Met York Bowen betreden we de grote traditie van pianocomponisten als Rachmaninov, Ravel en Medtner, hoe verschillend ze ook mogen zijn.’ Overdreven? Beslist niet. Als deze 24 Preludes door Rachmaninov waren geschreven, zouden ze als zodanig repertoire hebben gehouden. Bowen was zelf een begenadigd pianist met een grote carričre, en het is ronduit onbegrijpelijk dat we deze man totaal vergeten zijn. Zijn 24 Preludes in alle majeur- en mineurtoonsoorten kunnen zich staande houden in de lange reeks die sinds Chopin (die zich liet inspireren door Bach) is gecomponeerd door Debussy, Skrjabin en Rachmaninov.....

..... wat overblijft is bijzonder inventieve muziek die het uiterste uit speler en instrument weet te halen.

En dat brengt ons op de tweede verrassing van deze schijf, want zo’n pianist is Joop Celis, bij de bewoners van zuidelijk Nederland beter bekend dan in de Randstad, maar dat mag wat mij betreft veranderen.....

.....De cd klinkt heel natuurlijk en heeft gelukkig niet de overtollige galm die we vaak op Chandos-cd’s tegenkomen.

Celis zorgde zelf voor de zeer informatieve annotaties (ook in het Nederlands). Dit smaakt naar meer.

Siebe Riedstra, in “Luister”, oktober 2005, uitvoering 10

 

Such music requires an exceptional pianist and Joop Celis, who has collected prizes at the Busoni and Epinal International piano competitions, is a dream exponent, flawlessly attuned to Bowen’s idiom and the possessor of a pulverising technique.

More doughty, less suave and insinuating than Hough, Celis clearly sees Bowen as a turbulent high priest of Romanticism.

And hearing him in, for example, the elemental octave uproar of the 18th Prelude or in the ecstatic outpouring of No 7 you will note an intimidating command that, musicianly to the core, scorns all artifice, curlicued phrasing or a desire to tint an already memorable idiom.

Amazingly, the Sixth Sonata receives its first recording, its breadth and, in the finale, crazed exuberance played to the hilt by Celis. Here, then, is both a creative and recreative revelation magnificently recorded. Is it too much to hope that Joop Celis and Chandos will give us a complete York Bowen cycle?

Bryce Morrison, The Gramophone, May 2005

 

Zelfs de meest doorgewinterde pianokenners weten zelden wie York bowen (1884-1961) was.

Toch stond deze componist/pianist ooit bekend als de ‘Engelse Rachmaninov’. Hij gold als een van de meest virtuoze Britse pianisten van zijn tijd. Zijn composities zijn typisch laatromantisch en sterk vanuit de klankmogelijkheden van de piano geschreven. Dat is te horen op een werkelijk prachtige cd van de Nederlandse pianist Joop Celis, die min of meer de herontdekker is van de muziek van Bowen. Zijn opname bevat zelfs een wereldpremičre: die van de imposante Sonate No. 6.

Daarnaast speelt Celis de 24 Preludes, een cyclus die relatief wat bekender is. Celis speelt met een groot technisch overwicht, maar wat minstens zo belangrijk is: met veel pathos, kleur en diepte.....

..... Hopelijk zal Celis nog meer schatten van deze vergeten Engelsman op cd zetten.

Christo Lelie, in NRC Handelsblad 

 

Met zijn nieuwe compact disc, uitgebracht door het bekende Engelse label Chandos, heeft Joop Celis andermaal een interessant en hoogwaardig product op de markt gebracht. Niet alleen omdat hij hiermee een lans breekt voor een vergeten laatromantische componist, die in de Duitse muziekencyclopedie MGG überhaupt niet genoemd wordt en het in de Grove moet doen met welgeteld elf regels, maar vooral omdat hij – en niet voor de eerste keer! – bewezen heeft een uitmuntend pianist te zijn met een benijdenswaardig evenwicht tussen technisch meesterschap, rijk kleurenpalet en grote interpretatieve vermogens.

Opgenomen werden de Zesde Sonate (first recording!), de 24 Preludes en Ręverie. De Zesde Sonate in bes-klein, opus 160, is Bowens laatste werk.....

.....De uitvoering is boven alle lof verheven. Het grandioos gespeelde eerste deel, direct vanaf de eerste maat boeiend gebracht, het krachtig-mannelijke eerste thema fors neergezet, maar nooit geforceerd of geslagen, de romantiek en exressiviteit in de meer melodieuze passages, de brilliante Finale – in ieder opzicht hebben we hier een ideale uitvoering.....

.....Fraai ook is de complete uitvoering van de 24 Preludes, Bowens hoofdwerk, geschreven aan het eind der dertiger jaren van de 20e eeuw.....

..... Joop Celis’ rijke aanslagskunst staat er garant voor dat iedere prelude zijn eigen kleur en karakter krijgt.....

.....We moeten Joop Celis dankbaar zijn, dat hij ons heeft doen kennismaken met deze muziek, die niet tot de hoogtepunten van de klavierliteratuur behoort, maar die indien zij zo gaaf en volkomen begrepen wordt uitgevoerd als hier het geval is, voor iedere liefhebber van klaviermuziek een verrijking betekent.

Albert Brussee, EPTA, Piano Bulletin 2005 nr. 2

 

Op een onlangs uitgekomen CD kan men een schitterende symbiose van Celis en Bowen beluisteren.

Met een dwingende visie laat de pianist een helder beeld oprijzen van een bij ons onbekende Engelse Rachmaninoff uit de vorige eeuw.

Raak karakteriseert Celis in een fantasievolle Sonate (opus 160), in suggestieve Preludes (opus 102) en een fraaie Reverie (opus 86) Bowen's verschillende stijlen.....

 ..... Prachtig bouwt hij de dynamiek op, vooral de heftige stuwingen klinken zeer spanningsvol. Doorzichtig blijft zijn pedaalgebruik, mooi en natuurlijk zijn ‘rubato’ (vrijheden). Bijzonder opvallend is zijn linker hand, die als ‘kleine zelfstandige’ evenwichtig pleegt te opereren.

Eindhovens Dagblad, Cornelia Hoendervanger

  

Zeker ook, en dan hebben we het over deze cd, door de interpretatie van pianist Joop Celis, die Bowen's muziek vurig en voortvarend neerzet, romantische, romige momenten inwisselend voor vaart, spanning en sensatie. Hoogtepunt zijn de preludes, waarin net als bij Chopin steeds een enkele stemming wordt neergezet. Vierentwintig stemmingen. Vierentwintig kleuren.

Rudolf Nammensma, Leeuwarder Courant, 4 maart 2005